Als een klacht terugkomt, betekent dat dan dat de behandeling niet heeft gewerkt?

“Het heeft niet gewerkt. Mijn klacht is weer terug.”

Dat hoor ik best vaak en dan vraag ik meestal: hoe bedoel je, het heeft niet gewerkt? Was de pijn na de behandeling minder, kon je makkelijker bewegen, voelde je verschil?

“Ja.”

Oké… dus er is wél iets gebeurd 😁. En dan vind ik eigenlijk een andere vraag veel interessanter: waarom komt het terug?

Want ergens zijn we gewend geraakt aan het idee dat een behandeling geslaagd is als een klacht verdwijnt en wegblijft. Komt die klacht terug, dan heeft de behandeling blijkbaar niet gewerkt. Terwijl ik dat in mijn praktijk vaak veel minder zwart-wit zie.

Met onze auto hebben we soms meer geduld. Die krijgt onderhoud, een APK en als er een lampje blijft branden of steeds opnieuw gaat branden, gaan we kijken waarom. Bij ons lichaam willen we soms vooral dat iemand het lampje uitzet en als het later weer gaat branden, denken we al snel: zie je wel, het heeft niet gewerkt.

Terwijl ik dan juist nieuwsgierig word naar waarom dat lampje weer gaat branden.

Soms is het vrij simpel. Je hebt oefeningen meegekregen maar niet gedaan, of je gaat na een behandeling gewoon weer precies hetzelfde doen als daarvoor. Dat klinkt misschien heel logisch als je het zo leest, maar toch zie ik het regelmatig gebeuren.

Vroeger, toen ik nog veel meer massage gaf, zei ik vaak tegen mijn cliënten: wat ik hier doe is misschien 5% en wat jij doet is 95%. Natuurlijk bedoelde ik die percentages niet letterlijk. Ik wilde vooral duidelijk maken dat ik jou misschien een uur of anderhalf uur zie en jij daarna weer naar huis gaat en alle andere uren van de week met jouw lichaam leeft.

Dat geldt trouwens nog steeds. Bij bepaalde behandelingen leer ik cliënten bijvoorbeeld wat ze zelf thuis kunnen doen. Niet omdat ik vind dat ze het daarna maar zelf moeten uitzoeken, maar juist omdat ik behandeling altijd als samenwerking heb gezien. Ik heb mijn kennis, mijn handen, mijn ervaring en wat ik tijdens een behandeling waarneem, maar jouw lichaam blijft uiteindelijk van jou.

Voor mij is het dus teamwork.

Maar daar zit ook meteen een belangrijke andere kant aan, want soms doet iemand wél alles. Ze doet haar oefeningen, beweegt, wordt zich steeds bewuster van haar lichaam, voelt beter wanneer ze over haar grenzen gaat, verandert dingen in haar leven en toch komt die klacht terug.

En volgens mij wordt het daar pas echt interessant, want dan worden we vaak zo ongeduldig.

“Ik ben toch veranderd?”

“Ik ben hier toch mee bezig?”

“Waarom is dit dan nog niet weg?”

Alsof ons hoofd iets heeft begrepen en ons lichaam nu ook even moet opschieten.

Terwijl sommige klachten er al maanden of jaren zijn en sommige patronen misschien nog veel langer. We geven een klacht soms jaren om te ontstaan, maar geven ons lichaam vervolgens een paar weken om te veranderen.

Als ik er zo naar kijk, vind ik het eigenlijk bijzonder hoeveel haast we ook hierin hebben. We willen snel herstellen, snel resultaat zien, snel weer verder en vooral weer kunnen functioneren. En natuurlijk snap ik dat ook, want niemand vindt het leuk om pijn of andere klachten te hebben. Maar bewustwording en verandering volgen niet altijd het tempo dat wij in ons hoofd hebben bedacht.

Ik merk dat ook in mijn werk. Soms voel ik onder mijn handen dat een lichaam reageert terwijl iemand vertelt. Iemand praat bijvoorbeeld over iets wat haar boos maakt of verdriet doet en het weefsel wordt gespannener. Wanneer dat gevoel er even mag zijn, zonder dat we het meteen hoeven op te lossen of er een groot inzicht van hoeven te maken, kan ik soms voelen dat er weer iets verzacht.

Dat vind ik iedere keer bijzonder.

Ik doe die verzachting niet. Ik kan aanwezig zijn, aanraken, vragen stellen, begeleiden en voelen wat er gebeurt, maar ik kan niet besluiten dat een lichaam nu moet loslaten. En de cliënt kan dat eigenlijk ook niet. Je kunt niet tegen je lichaam zeggen: ik heb het nu begrepen, dus je mag stoppen met dit patroon.

Was het maar zo makkelijk 😁.

Misschien is dat ook waarom ik steeds minder geloof in het idee dat iemand anders iets bij jou komt “weghalen”. Natuurlijk kan een behandeling ontzettend veel doen. Een spier kan ontspannen, pijn kan verminderen, beweging kan makkelijker worden en soms verandert er tijdens één behandeling verrassend veel. Maar daarna gaat het leven verder.

Je gaat weer werken. Je zit weer achter je computer. Je tilt, loopt, slaapt, zorgt, haast je, houdt je in, zegt ja terwijl je misschien nee bedoelt, hebt verdriet, maakt plezier, beweegt wel of juist te weinig en ondertussen past jouw lichaam zich voortdurend aan aan hoe jij leeft.

Je lichaam staat daar niet los van.

Dat betekent voor mij trouwens niet dat iedere klacht een boodschap heeft, dat alles emotioneel is of dat je zelf verantwoordelijk bent voor het ontstaan ervan. Een klacht die terugkomt kan ook een lichamelijke of medische oorzaak hebben en soms is verder onderzoek of andere hulp gewoon nodig.

En ook als je alles “goed” doet, kun je klachten houden.

Dat vind ik belangrijk om erbij te zeggen, want anders maken we van bewustwording weer een nieuwe prestatie. Dan krijg je straks: ik heb mijn oefeningen gedaan, ik heb aan mezelf gewerkt, ik heb mijn grenzen aangegeven, ik denk positief… waarom doet mijn lichaam het dan nog steeds niet goed?

Dan zijn we eigenlijk opnieuw boos op hetzelfde lichaam, alleen met een ander lijstje in onze hand.

Daar gaat het mij niet om.

Voor mij zit eigen verantwoordelijkheid veel meer in de nieuwsgierigheid om te blijven kijken naar wat er gebeurt en naar wat binnen jouw mogelijkheden ligt. Soms ontdek je iets wat je anders kunt doen. Soms merk je dat je iedere keer terugvalt in hetzelfde patroon. Soms kom je erachter dat je veel te veel van jezelf vraagt. Soms heeft je lichaam vooral tijd nodig en soms is de conclusie juist dat je verder moet laten onderzoeken wat er aan de hand is.

Een therapeut kan daarin een stukje met je meelopen, behandelen, begeleiden en met je meekijken. Maar uiteindelijk gaat die therapeut niet met jou mee naar huis.

Jij wel.

En daarom vind ik, wanneer een klacht steeds opnieuw terugkomt, de vraag “wie kan dit voor mij weghalen?” steeds minder interessant.

Ik ben veel nieuwsgieriger geworden naar:

Wat maakt dat mijn lichaam steeds opnieuw hier terechtkomt?

Want misschien kan ik daar iets mee, misschien heeft mijn lichaam meer tijd nodig en misschien moet ik ergens anders naar laten kijken.

Maar dan ben ik in ieder geval niet alleen bezig met het lampje uitzetten.

Ik probeer ook te begrijpen waarom het steeds opnieuw gaat branden😉.